Achter de ark aantrekken – een nieuw seizoen

Christus navolgen

Meditatie, Novi Sad, Servië, half augustus 2026.

‘(…) Wanneer u de ark van het verbond van de HEERE, uw God, ziet (…), moet u vanaf uw plaats opbreken en hem volgen,’ Jozua 3:3.

Met het oog gericht op de ark van God vanaf je plaats opbreken en deze (na)volgen, zo lezen we in Jozua 3:3. De HSV heeft ‘volgen; de Statenvertaling ‘navolgen’, maar het gaat om hetzelfde.
Waar het ook om gaat is dat we de combinatie willen maken met een nieuw seizoen: voor jou persoonlijk, voor je gezin, voor je gemeente. En denk dan bij seizoen aan het Engelse ‘season’ dat een bredere betekenis heeft.

Een studie-meditatie, neem er de tijd voor.

Wat navolgen?

De ark van het verbond van de HEERE, Uw God:

‘Ark’: draagbare (heilige) kist van acacia- of sittim-hout – ‘kist’ niet oneerbiedig bedoeld.
‘Van het verbond’: van de band, relatie met God.

Hij was in opdracht van God gemaakt, Ex. 25:10-22; 37:1-9 om de aanwezigheid van God bij Zijn mensen te symboliseren.
De maten van de ‘kist’ waren: 125 x 125 x 75 cm. Niet eens zo groot. Maar het gaat dan ook niet om de kwantiteit van de ark maar om de kwaliteit, de symbolische (be-teken-de) functie.
De ark was overtrokken van binnen en buiten met puur goud, dat de heerlijkheid en heiligheid van God aangeeft. Aan de zijkanten waren ringen bevestigd waardoor draagstokken waren gestoken.

Ark van het Verbond

Op de ark lag een deksel, het verzoendeksel. Eruit rijzen aan de uiteinden op twee cherubs (engelen), ook van goud, met uitgespreide vleugels. Hun gezichten zijn gericht naar het centrum van het deksel. Zij wijzen op de tegenwoordigheid van God. Hij troont tussen de cherubs, Ps. 99:1; vergelijk Ex. 25:22.

Op het verzoendeksel werd één keer per jaar bloed van een bokje gesprengd dat wijst op het bloed (offerdood) van Jezus Christus voor de zonden, het Verzoendeksel met hoofdletter, Rom. 3:25...; Hebr. 9:23,24, Dat ons door genade, door het geloof in Hem verzoent met God, en ons het leven geeft, gemeenschapsleven in een verbondsrelatie met God. Immanuël: God met ons.

Mijn vraag:

Is de Heere Jezus inderdaad ons Verzoendeksel geworden, waardoor we in het genadeverbond met God mochten komen en gemeenschapsleven met Hem mogen oefenen?

Immers door de in de ark liggende 10 geboden, Ex. 25:16; Ex. 40:20; 1Kon. 8:9..., met name als we de diepe inhoud mogen zien, worden we onder Gods genade ontdekt aan onze zonden die verzoening nodig hebben, door het bloed van Jezus dus, waardoor we in relatie met God komen. Tegelijk hebben deze kernleefregels van God voor de gelovige de functie om het leven met God, en vervolgens met de naaste, in goede banen te leiden.

Bij de ark bevonden zich overigens ook de kruik met manna en de staf van Aäron die gebloeid had, Ex. 16:34; Num. 17:10; (vergelijk Hebr. 9:4...: ‘in’ kan ook met ‘bij’ of ‘in verbondenheid met’ vertaald worden). Ook deze twee attributen waren tekenen van (doorgaand) leven dat God gegeven had in de woestijn en geven wilde en geven wil aan Nieuw-testamentische gelovigen op hun pelgrimsreis.

De ark stond in ‘parkeerstand’ in het Heilige der heilige (het allerheiligste) van de tabernakel en later van de tempel. Om zo te zeggen: de ark is het Heilige der Heilige der heilige (het aller-allerheiligste) en symboliseert dus de tegenwoordigheid van God bij de Zijnen. Het volk moest achter de ark aantrekken, dit is: opbreken en achter God Zelf aangaan, God Zelf navolgen. De ark moest vóór het volk worden uitgedragen waarheen de Heere wees. Later als de ark een min of meer vaste plaats heeft gekregen, is van het volgen van de ark geen sprake meer. Dan wordt gesproken, direct, over het volgen of navolgen van God. We horen Elia zeggen, 1 Kon. 18:21: ‘(…) Als de HEERE God is, volg Hem’ (HSV) of ‘volg Hem na’ (Statenvertaling). Immers het gaat God niet om het navolgen van een symbool, maar om het navolgen van waar het symbool heenwijst, Hemzelf.

Nog duidelijker wordt dat in het Nieuwe Testament, waar het (na)volgen van God wordt toegespitst op het (na)volgen van Jezus Christus, Gods Zoon..., .... (En) navolgen van Jezus Christus is navolgen van God. Want de Heere Jezus Christus is één met de Vader en Zijn voedsel is het de wil te doen van Zijn Vader, Joh. 4:34. In het doen van de wil van God (de christelijke levenspraktijk) is de verborgen omgang met Hem de kern.

Mijn vraag:

Is het doen van Gods wil ook ons eten en drinken?

Die heerlijke wil vinden we in de eerste plaats in Gods Woord, Gods geopenbaarde wil. Daarnaast gaat God met ieder van ons een bijzondere weg. Een weg natuurlijk niet tegen Gods Woord in, maar wel voor ieder uniek. Iedere christen krijgt een wat andere leiding en krijgt een wat andere roeping en taak. Maar voor iedere christen is het kenmerk wat de apostel Paulus zegt in 1Kor. 11:1: Wees navolgers van mij, zoals ik navolger van Christus ben.Mt. 16:24-27

Kortom: een christen kent (ten diepste) geen eigenmachtige wegen en besluiten meer. Hij zal allereerst vragen: ‘Wat wilt U, Heere, dat ik doen zal?’

Mijn vraag:

Is dat wat Uw leven kenmerkt?

Laten we ons daarin trainen!
Laat dát dan onze leidraad zijn voor een nieuw seizoen:

  • voor jou persoonlijk
  • voor je gezin
  • voor je gemeente (kerk).

Alles gegrond op Jezus’ volbrachte werk op Golgotha voor onze zonden, het eens en voor altijd gelegde fundament waarop wij kunnen opbreken en navolgen.

Het volk Israël moest opbreken en achter de ark van het verbond, dat is: achter God Zelf dus, aangaan naar het beloofde land. Laten ook wij, ieder die (uit Jood en niet-Jood) volgeling van Christus is geworden, steeds weer opbreken en God en Zijn Zoon Jezus Christus navolgen naar het ware beloofde land. Laten we dichtbij Hen blijven en ons laten leiden door Hun Woord en Geest. Dan zal er op Gods tijd een heerlijke behouden aankomst zijn!!...

‘Heere, ontdek ons aan onze zonden en tekorten in het licht van Uw geboden en wees ons zondaars genadig omwille van Uw Zoon; help ons U en Uw Zoon na te volgen en breng ons onder Uw hoede in het Beloofde Land.
Dank U, Heere, dat het goed is om bij U te zijn!’

Uw Pier M. Meindertsma